Laatst bijgewerkt op

WDF World Cup

De World Cup wordt sinds 1977 gehouden onder auspiciën van de World Darts Federation. Het toernooi wordt in 1983 geopend voor dames en in 1999 wordt tenslotte ook de jeugd uitgenodigd. Het toernooi staat te boek als het officiële wereldkampioenschap, maar heeft toch beduidend minder aanzien dan de officieuze WK's van de BDO en PDC. Wat het toernooi wel heel speciaal maakt is het feit dat spelers uit de hele wereld bijeenkomen om voor hun land uit te komen in een zeer ontspannen sfeer.

Martin Phillips is met 14 deelnames de speler die het vaakst meedoet, Hiroshi Watanobe uit Japan is de enige andere speler met tien World Cups op zijn naam. Bij de dames heeft Heike Jenkins (Ernst) uit Duitsland het vaakst meegedaan (12x). De Nederlandse Francis Hoenselaar staat met tien deelnames hier op plek twee.

Heren overall

Als het aankomt op het overall klassement van de WDF World Cup dan is Engeland in veertien van de twintig edities de sterkste. Tussen 1979 en 1991 winnen ze de Cup zeven keer op rij. Alleen Wales en Nederland doorbreken de hegemonie van de Engelsen met beide drie overwinningen. Nederland pakt deze op rij tussen 2005 en 2009 waar Wales naast de eerste editie ook in 1993 en 1997 het sterkst is.

Eric Bristow en John Lowe zijn met zeven World Cup zeges de meeste succesvolle spelers gevolgd door landgenoot Martin Adams die deze titel vijf keer wint.

Heren team event

Het mag geen verrassing zijn dat ook in het team event de heren van Engeland vaak met het goud aan de haal gaan, al zijn ze met twaalf zeges minder dominant dan in andere onderdelen, zeker in de laatste jaren. Ze winnen wel negen van de eerste dertien titels. Wales wint naast de eerste editie ook in 1997 de team titel. Andere succesvolle landen zijn de USA dat twee keer de beste is (1985 & 2003) en Nederland, Finland, Canada en Schotland zijn allen ook één keer winnaar.

Drie spelers wonnen dit evenement vijf keer als onderdeel van hun nationale team; Eric Bristow, John Lowe en Martin Adams.

Heren koppels

In de vroege jaren zijn het vooral de Engelsen die overheersen onder aanvoering van John Lowe en Eric Bristow. Op koppelgebied zijn ze bijna onverslaanbaar, van de eerste zeven edities winnen ze er zes. Naast deze zeges voegt Engeland er nog zes zodat hun totaal op twaalf komt. Martin Adams is drie keer de beste, met drie verschillende koppelmaten.

Na Engeland is het Nederland met het meeste goud. Drie keer zijn de heren in oranje het beste. Wales en Australië pakken beide twee titels en Canada is het beste in 1993.

Heren singles

In de vroege jaren zijn het vooral de Engelsen die overheersen onder aanvoering van John Lowe en Eric Bristow. De singletitel gaat tussen 1981 en 1991 altijd naar één van beide. Eric Bristow is wel de meest dominante factor met vier zeges. In totaal staat tien keer een Engelsman op de hoogste trede van het podium. Nederland wint ook zes keer het individuele onderdeel van de WDF World Cup, Raymond van Barneveld doet dit drie keer tussen 1997 en 2003.

Wales pakt de titel drie keer en de enige vreemde eend in de bijt is Nicky Virachkul die namens de USA in 1979 de titel pakt. Jocky Wilson is de enige speler die twee keer in de finale staat en deze niet weet te winnen.

Dames overall

In het overall klassement bij de dames zijn de Engelsen het meest succesvol. Van de 17 gehouden edities winnen ze er 11. De enige andere land dat de overall World Cup meer dan eens weet te winnen is de USA.

Dames team event

Tot 2013 bestaat het damesteam altijd uit twee dames, maar in 2015 komt daar verandering in. De dames spelen vanaf dat jaar ook met vier speelsters per land en krijgen er zo ook een team event bij. Het mag geen verrassing zijn dat de Engelse dames de eerste editie met overmacht winnen. Niet één enkel team komt dichter bij dan vijf gewonnen legs.

Dames koppels

Bij de dames koppels zijn het ook de Engelsen die het vaakst met de gouden medaille naar huis gaan. Elf van de zeventien edities werden door hen gewonnen. Van 1983 tot en met 2013 bestonden de dames teams slechts uit twee speelsters dus was het koppeltoernooi ook meteen het teamtoernooi. Vanaf 2015 zijn de dames met vier speelsters per land en zijn er dus twee koppels.

Trina Gulliver wint de koppels vijf keer met drie verschillende koppelmaten. De overige koppeltitels gaan naar Nederland (2x), USA (2x) en naar Wales en Duitsland die beide één keer winnen.

Dames singles

De singles bij de dames worden vak gewonnen door Engeland, maar toch minder vaak dan de koppels en de overall titel. Acht keer is het goud voor een Engelse dame, met Trina Gulliver MBE als koningin. Zij wint het singles toernooi drie keer, ook nog eens in drie verschillende decennia, daarnaast verliest ze ook nog één keer de finale. Met vier zeges is de USA na Engeland het meest succesvolle land. Buiten Gulliver is nog geen enkele dame er in geslaagd dit toernooi meer dan eens te winnen.

Julie Gore stond tijdens drie opeenvolgende edities in de finale, maar won het toernooi nimmer. Ook de Nederlandse Francis Hoenselaar haalde drie keer de eindstrijd. Zij won één keer, in 2001.